Bepaal wie het aanspreekpunt is voor de opdrachtgever. Zet dat in de samenwerkingsovereenkomst en communiceer het duidelijk aan de opdrachtgever en aan derden. Houd het aantal personen zo beperkt mogelijk. Hoe meer aanspreekpunten, hoe groter het risico van schijnvertegenwoordiging. Dat laatste houdt in dat bij de opdrachtgever de schijn wordt gecreƫerd dat iemand iets mag goedkeuren, terwijl die daar in feite niet toe bevoegd is.

Spreek ook af wie de tijdelijke maatschap kan verbinden. Wie mag voor welke zaken zijn handtekening zetten? Werk met volmachten en zorg ervoor dat die duidelijk geformuleerd zijn. Spreek af dat, bij gebrek aan een volmacht, de handtekening van elke vennoot vereist is. Om te vermijden dat een vennoot de zaak blokkeert, kunt u een vertegenwoordigingsclausule opnemen, zodat een vennoot in de minderheid altijd mee moet ondertekenen.


Neem in de samenwerkingsovereenkomst op dat baattrekking is uitgesloten. Baattrekking houdt in dat iemand die de vennootschap niet mag vertegenwoordigen, toch de andere vennoten kan verbinden, wanneer zijn handelen ten goede zou komen aan de vennootschap.