Het beroep van de architect

Hoe omspringen met de polis 'verzekering beroepsaansprakelijkheid'

Rebecca Ramboer, Protect NV • 11 maart 2015

Uw verzekering beroepsaansprakelijkheid: hopelijk hebt u ze nooit nodig. Jammer genoeg is de kans groot dat het wel zover komt, blijkt uit de statistieken. NAV vroeg aan Rebecca Ramboer van Protect hoe groot die kans eigenlijk is, welke preventieve maatregelen u kunt treffen en hoe u het best kunt omspringen met de verzekering.

Hoe zwaar weegt de beroepsaansprakelijkheid van de architect?

 

Rebecca Ramboer: “Voor architecten ligt het aantal vorderingen op basis van hun beroepsaansprakelijkheid erg hoog. Onze statistieken wijzen uit dat er in één verzekeringsdossier op vier sprake is van een vordering. Ter vergelijking: voor artsen bedraagt die verhouding één op veertig. Onder andere de zichtbare gevolgen van bouwproblemen en de mondigheid van de bouwheer zijn daar niet vreemd aan. Wij zien ook een stijging van de eis tot immateriële schadevergoedingen, bijvoorbeeld omwille van winstderving.”

 

Welke zijn de belangrijkste oorzaken en problemen en welke preventietips kunt u daarvoor meegeven?

 

“Als we kijken naar de aard van de fout, blijft een ontoereikende controle de grootste boosdoener. Wel neemt het aantal vorderingen toe, gebaseerd op de plicht van de architect om advies en bijstand te verlenen. Ik denk dan onder andere aan budgetoverschrijdingen waarbij een bouwheer een schadevergoeding claimt omdat hij gezien de hogere bouwprijs extra moest lenen tegen een hoger rentetarief. Ook conceptiefouten leiden geregeld tot disputen.”

 

“Als we kijken naar de technische grond waarop de vordering berust, blijven vochtproblemen de voornaamste kwelduivel, goed voor 25% van alle gevallen. Daarnaast heb je buurschade en werfperikelen, elk goed voor circa 15% van alle dossiers. Onder werfperikelen versta ik onder andere opleveringsproblemen, een verkeerde inplanting of een budgetoverschrijding.”

 

“De beste preventie blijft een goed opgebouwd dossier met als fundament degelijke werfverslagen. Maar bouwprojecten zijn vandaag zo complex dat een architect het zich niet langer kan veroorloven alleen maar a posteriori controles uit te voeren. Idealiter moet hij aan risk management doen, tijdig overleggen met de aannemer over de uit te voeren werken, en daar ook afspraken over op papier zetten. Als er problemen zijn op de bouwplaats, moet je die oplossen, zo niet keren ze achteraf als een boemerang terug. In geval van uitvoeringsproblemen is de kans aanzienlijk dat de rechter ook een gebrekkige controle weerhoudt en besluit  tot een in solidum aansprakelijkheid.”

 

“Ons advies: kies je bouwpartners goed. Ga voor solvabele, betrouwbare en kwaliteitsvolle aannemers. Een clausule in het architectencontract die de in solidum gehoudenheid uitsluit, is zinvol maar biedt geen waterdichte bescherming. Bij betwistingen bepaalt de rechter autonoom of hij die clausule wel of niet zal weerhouden.”

 

Wanneer komt de verzekering beroepsaansprakelijkheid niet tussenbeide?

 

“Een zogenaamd verval van waarborg is mogelijk in geval van een zware fout. Die kunnen wij als verzekeringsmaatschappij inroepen als er te weinig werfcontroles zijn uitgevoerd of als een architect een beslissing neemt die indruist tegen de regels van goed vakmanschap, terwijl een andere bouwpartner hem daar wel opmerkzaam op gemaakt heeft. Uiteraard moet een architect ook de wettelijke verplichtingen naleven. Let wel, wij maken alleen voorbehoud bij het verlenen van dekking als het om flagrante tekortkomingen gaat. Op die manier vermijden we ook dat architecten die wel goed werk leveren, mee moeten betalen om de risico’s te dekken van collega’s die het minder nauw nemen met hun professionele taken en verantwoordelijkheden.”

 

“Ook met opzeggingen van polissen springen wij voorzichtig om. De belangrijkste reden blijft het niet betalen van premies. In principe kunnen wij een polis ook altijd opzeggen na een schadegeval. Meestal zullen we dan eerst overleg plegen met de architect in kwestie om te zien of en hoe we verder kunnen blijven samenwerken.”

 

In hoeverre kan veranderen van verzekeringsmaatschappij problemen met zich meebrengen voor de architect?

 

“Je hebt de zogenaamde anterioriteit: schade die stamt uit de periode bij verzekeraar 1, maar waarvoor pas een claim wordt gesteld in de periode bij verzekeraar 2. Wij houden vast aan de volgende regeling, die gebaseerd is op de wet landsverzekeringsovereenkomsten en bevestigd door rechtspraak. Als een architect verandert van verzekeraar, kan hij terugvallen op de dekking van de vorige verzekeraar voor schadegevallen waarvoor een claim wordt gesteld binnen drie jaar na de overstap, voor schade die is ontstaan in de periode toen hij nog bij de vorige maatschappij was verzekerd.”

 

“De architect moet altijd vermijden dat hij tussen twee stoelen belandt. Hij moet wel beseffen dat er geen wonderoplossingen bestaan. Bij een autoverzekering weet je op het einde van het verzekeringsjaar welke schade je precies hebt. Bij de beroepsaansprakelijkheid is dat niet het geval. Bovendien neemt de afwikkeling van een schadegeval gemiddeld zeven jaar in beslag. Daarom kies je beter voor een samenwerking op lange termijn.”

 

“Daarnaast is er de zogenaamde posterioriteit. De architect is wettelijk verplicht zich te verzekeren voor mogelijke vorderingen in de periode nadat hij zijn activiteiten heeft stopgezet en is geschrapt van de lijst van de Orde. In principe levert dat dus geen problemen op. Je moet wel een premie betalen die neerkomt op drie keer de gemiddelde premie van de voorbije vijf jaar.”

 

In welke gevallen is een reductie op de premie mogelijk?

 

“Je kunt kiezen voor een hogere franchise, maar het bureau moet dat bij een schadegeval dan wel kunnen ophoesten. Meestal is het niet aan te raden. De gebruikelijke franchise bedraagt 20% van uitgaven, met een minimum van 500 en een maximum van 6.250 euro.”

 

“Een andere mogelijkheid is dat de bouwheer een ABR-polis of een verzekering voor de tienjarige aansprakelijkheid afsluit, waarin ook de aannemer mee verzekerd is. De reducties op de premie bedragen 10 tot 15% voor een ABR-polis en 25 tot 30% voor een verzekering tienjarige aansprakelijkheid. Voor een architect zijn dit bovendien interessante manieren om zijn eigen aansprakelijkheid beter te vrijwaren en het ontbreken van een verplichte verzekering voor de aannemer te compenseren. Ik zou zeggen: tracht de bouwheer over de streep te halen op basis van cijfers. Een ABR-polis kost bijvoorbeeld 2,5 tot 3‰. Voor een bouwbudget van 300.000 euro komt dat neer op pakweg 750 tot 900 euro. Een verzekering tienjarige aansprakelijkheid is uiteraard duurder, zeg maar 1% van de bouwwaarde. Voor hetzelfde budget komt dat jaarlijks neer op een al bij al beperkte 300 euro per jaar.”

 

Op welke dienstverlening kan de architect bij u  rekenen?

 

“In geval van schade kan de architect terugvallen op een goede dossierbehandeling. Onder onze 50 medewerkers zijn tien juristen uitsluitend bezig met schadedossiers in verband met de beroepsaansprakelijkheid van ontwerpers, een materie die erg complex is en razendsnel evolueert. Per regio beschikken wij bovendien over een netwerk van externe experts en advocaten. Verder bieden wij een heleboel extra dienstverlening aan, zoals gratis juridisch advies, seminaries en een e-flash. Protect heeft ook een eigen kennisbibliotheek opgebouwd met daarin alle cases van de voorbije 25 jaar.”